Afgelopen vrijdag was ik forumlid op de Universiteit van Tilburg. Daar werden de resultaten besproken van de “Europese Waarden Studie”. Zo’n 70.000 mensen in verschillende Europese landen is gevraagd naar hun opvattingen over politiek, godsdienst, welzijn, werk, familie en over de maatschappij. Ook de opvatting van burgers over Europa is erin opgenomen.
Zo’n studie, waarin burgers om de 9 jaar vragen krijgen voorgelegd geeft zicht op veranderingen over een langere periode. Het Tilburgse Onderzoek, waaraan 46 andere universiteiten en instellingen meedoen, is nu voor de vierde keer gehouden. We horen het alom: Nederlanders worden steeds egoïstischer. De samenleving verhardt . We geven steeds minder om elkaar. Alles moet maar kunnen. Het zijn de cultuurpessimisten die ons waarschuwen voor een onpersoonlijk en in onszelf gekeerd Nederland.
Welnu, zo’n vaart loopt het niet. Het onderzoek komt tot een andere conclusie. Op grond van het onderzoek is er geen reden de cultuurpessimisten gelijk te geven. De waarden van de Nederlanders, we bedoelen dan de vraag naar wat we belangrijk vinden, duiden niet op een moreel verval. Nederlanders blijven solidair en maatschappelijk betrokken. Individualisering blijkt goed te kunnen samengaan met sociale betrokkenheid. Dit blijkt zelfs een erg sterke combinatie.
Er is geen” alles moet kunnen” mentaliteit ontstaan. Nederlanders zijn zeer afkerig van bedrog en oneerlijkheid, het aannemen van steekpenningen, joyriding, maar ook zwartrijden en liegen. Het gaat om zaken die anderen of de publieke zaak schaden. De onderzoekers noemen dit de publieke moraliteit. Aan de andere kant ziet men wel meer ruimte in wat men de privé-moraliteit noemt . Dan duiden we op de steeds ruimere acceptatie van abortus, euthanasie, homosexualiteit en echtscheiding.
Ook op de vraag of men gelukkig is, scoren we goed. Met 56% zeer gelukkig en 41% tamelijk gelukkige Nederlanders is Nederland, samen met IJsland het meest gelukkige land in Europa. We scoren op een schaal van één tot tien een acht. Maar ook het huwelijk blijkt niet te hebben afgedaan. Integendeel zelfs: de meeste Nederlanders vinden dat het huwelijk geen ouderwets instelling is.
Een interessante vraag is ook of we ons intussen meer Europeaan zijn gaan voelen. Niks daarvan, zo blijkt. Nog geen 10 % geeft als eerste aan zich Europeaan te voelen. De cijfers leren ons dat de mensen zich meer herkennen in de eigen gemeente, regio en het land. Zo iets van “ ik ben Oisterwijker, Brabander en Nederlander”. Het subnationale, tussen het locale en de nationale staat vormt de sterkste combinatie. Terwijl weinig mensen zich verbinden met Europa, doen zij dat wel met hun regio. Ik merk dat ook in mijn werk in Brussel. Collega parlementariërs vertellen met trots over de regio waarin men woont. Niet gek dat het regionaal beleid, ook in een tijd van crisis wordt voortgezet.
U merkt het: ik heb veel waardering voor het werk in Tilburg. In een tijd van crisis is het belangrijk aan te sluiten bij breed gedragen waarden, ook in Europa is dit van groot belang. Wilt U daar mee van weten, kijk dan even op de website www.lambertvannistelrooij.nl